Welke ringmaat heb ik?

Er zijn twee manieren om een ringmaat te beschrijven:

Diameter
Dit is de breedte van de binnenkant van de ring, gemeten van links naar rechts. In Nederland wordt deze maat vaak gebruikt. Bijvoorbeeld: maat 17 betekent dat de binnenkant van de ring ongeveer 17 mm breed is.

Omtrek
Dit is de totale binnenomtrek van de ring. In Europa en binnen internationale maatvoering wordt vaak deze maat gebruikt. Bijvoorbeeld: maat 54 betekent dat de binnenomtrek ongeveer 54 mm is.

Een klein verschil in millimeters lijkt misschien weinig, maar bij een ring merk je dat direct. Daarom is rustig en zorgvuldig meten belangrijk.

Welke ringmaat-systemen bestaan er?

Er bestaan verschillende ringmaat-systemen. Dit zijn de bekendste:

Hoe meet je jouw ringmaat thuis?

Wil je je ringmaat meten? Dan kun je dit op verschillende manieren doen.

1. Meet een ring die goed past

Heb je al een ring die fijn zit aan dezelfde vinger? Leg deze plat neer en meet de binnenkant van de ring.

Meet alleen de binnenruimte, dus niet de rand van de ring zelf. De afstand van links naar rechts aan de binnenkant is de diameter.

Bijvoorbeeld:
Meet je ongeveer 17 mm? Dan zit je rond ringmaat 17.

Let op: gebruik een ring die je aan dezelfde vinger draagt. Bijna niemand heeft elke vinger dezelfde maat.

2. Meet met een touwtje of papiertje

Heb je geen passende ring? Dan kun je ook je vinger meten.

Zo doe je dat:

  1. Pak een dun touwtje of smal strookje papier.

  2. Wikkel dit om de vinger waaraan je de ring wilt dragen.

  3. Meet rond het breedste gedeelte van je vinger, vaak bij de knokkel.

  4. Zet een streepje waar het papier of touwtje overlapt.

  5. Leg het plat naast een liniaal en meet het aantal millimeters.

Het aantal millimeters is de omtrek van je vinger. Die kun je daarna omrekenen naar een ringmaat.

Deze methode geeft een goede indicatie, maar is minder precies dan meten met een echte ringmeter.

Wanneer kun je het beste meten?

Je vingers zijn niet de hele dag precies even dik. Warmte, kou, vocht, sporten, zout eten of het moment van de dag kunnen invloed hebben op je ringmaat.

Meet daarom het liefst:

  • bij kamertemperatuur

  • niet direct na sporten

  • niet wanneer je handen heel koud zijn

  • niet op een extreem warme dag

  • eventueel op meerdere momenten van de dag

Zo krijg je een maat die beter past bij hoe je ring in het dagelijks leven voelt.

Brede ringen vallen strakker

Niet alleen je ringmaat is belangrijk, maar ook het ontwerp.

Een smalle ring voelt vaak iets losser. Een brede ring heeft meer contact met je vinger en voelt daardoor sneller strak.

Wil je een bredere ring maken? Dan kan een maat groter beter passen. Zeker bij organische, robuuste of statement ringen is comfort net zo belangrijk als de maat zelf.

Bij zilverklei krimpt de ring nog

Tijdens een ring workshop werken we met zilverklei. Dit is een bijzonder materiaal dat eerst zacht en kneedbaar is, maar na het bakken verandert in echt fijn zilver.

Tijdens het bakken krimpt zilverklei. Daarom maken we de ring niet zomaar exact op je eindmaat. We houden rekening met het materiaal, jouw ontwerp en de uiteindelijke draagmaat.

Daarvoor gebruik ik ringpellets. Deze zorgen ervoor dat de ring tijdens het bakken niet verder krimpt dan de gewenste maat. Zo blijft de binnenmaat van de ring beter gecontroleerd.

Twijfel je tussen twee maten?

Twijfel je tussen twee maten? Dan kijken we naar een paar dingen:

  • Wil je een smalle of brede ring maken?

  • Is je knokkel breder dan de rest van je vinger?

  • Zwellen je vingers snel op bij warmte?

  • Wil je de ring dagelijks dragen?

Vaak is iets ruimer prettiger dan te strak, vooral bij bredere ringen. Een ring mag een klein beetje weerstand geven bij het afdoen, maar moet niet knellen.

Previous
Previous

Het geheime hulpmiddel voor de perfecte ringmaat

Next
Next

Zilver polijsten